Chlorós is latijns voor ‘groen’, ptera is latijns voor ‘vleugel’. Zie daar de herkomst van de benaming voor de groenvleugel ara. Het is één van de eerste soorten ara’s die naar Europa is meegenomen in de 16e eeuw. Toch zijn er pas sinds 1972 kweekresultaten geboekt, hetgeen al aangeeft dat het een moeilijke vogel is voor de kweek. Door het verdwijnen van leefgebieden en de illegale vangst loopt het aantal groenvleugel ara’s drastisch terug. Het is dan ook raar dat de groenvleugel ara nog steeds niet op Cites Lijst 1 opgenomen is.

Groenvleugels zijn behoorlijk forser van bouw als de geelvleugels of blauwgele ara’s. In gewicht gezien zijn de groenvleugels gemiddeld ook wat zwaarder, maar dat is niet geheel in overeenstemming met de forsere bouw. Je zou meer verschil verwachten. Na de hyacinten zijn de groenvleugels een goede tweede (samen met de Buffons). Groenvleugels kunnen flink geluid produceren, zeker wildvang vogels zijn vaak schreeuwerig. Van onze koppels is er één betrekkelijk stil, maar de andere koppels beginnen vaak met schreeuwen, waarna alles begint te reageren. Kweekkoppels groenvleugels houden in een woonwijk is daarmee lastig. Is dat het plan, probeer dan van te voren het aan te kopen koppel eens te beluisteren. Begin je met jonge vogels, dan is een keuze voor handopfok het overwegen waard.

Karakter